Smaller Default Larger

Gebouwgebonden financiering

Het Kabinet Rutte III wil nieuwe woningen vanaf 2021 niet langer met aardgas verwarmen. Een warmterecht moet de aansluitplicht op gas vervangen. Verder dienen alle zes miljoen bestaande woningen in 2050 gasvrij te zijn, of aardgasloos, of gasloos (het Regeerakkoord is niet woordvast).

Deze energietransitie gebouwde omgeving heiligt vele middelen. Het Regeerakkoord noemt alvast het verhogen van de 1e schijf energiebelasting gas, het beperken van de belastingvermindering energiebelasting en het in 2020 'moderniseren' van de salderingsregeling. Er zijn echter baanbrekende innovaties nodig om vooral de particuliere woningeigenaar grootschalig geïnteresseerd te krijgen in ingrijpende maatregelen om diens energieverbruik te verminderen of te veranderen. Het Regeerakkoord bevat daartoe een voor juristen interessante passage over 'het uitwerken van vormen van gebouwgebonden financiering zodat besparingsopties aantrekkelijker worden'. Een lening voor verduurzaming moet gekoppeld kunnen gaan worden aan de woning zelf. Daardoor worden langer lopende investeringen aantrekkelijker. Aflossing en rente kunnen worden voldaan uit bespaarde energiekosten.

Het Regeerakkoord sluit niet uit dat het Burgerlijk Wetboek moet worden aangepast om dit mogelijk te maken. Verwezen wordt naar bepalingen rond de wettelijke bescherming van de consument bij financiering. Eerder denk ik aan het mogelijk maken van de gebouwgebonden, dus kwalitatieve aflosverplichting. Op dit moment geldt juridisch dat alleen (natuurlijke) personen aan contracten zijn te binden en dat daarvoor het hebben van een bepaalde hoedanigheid onvoldoende is. Slechts de wet(-gever) kan anders bepalen. Zo is de appartementseigenaar wel ''van rechtswege'' lid van de Vereniging van Eigenaren, maar de eigenaar van een doorzonwoning niet om die reden alleen gebonden aan de buurtvereniging. Weliswaar kent artikel 6:252 BW de kwalitatieve verplichting maar die moet dan wel strekken tot iets te dulden of niet te doen. De door het Kabinet beoogde vorm van gebouwgebonden financiering (een 'doen') voldoet niet aan die eis. En ook een erfdienstbaarheid lijkt niet in aanmerking te kunnen komen. Een kettingbeding is denkbaar, maar tegelijk kwetsbaar voor breuk. Kortom: wordt een volledig gebouwgebonden en niet te verbreken aflosplicht gewenst, dan vergt dat pas echt juridische innovatie en is wijziging van de wet nodig.

Ewald van Hal is bestuurslid van NVTB

Agenda

 

   

10 april 2018, start 17:00 uur, 
Perscentrum Nieuwpoort, Den Haag.
          Bekijk de website 
           en schrijf u nu in!  

Nieuwsbrief


 Klik hier voor de laatste NVTB nieuwsbrief.

Meld u hier aan voor de NVTB nieuwsbrief. 

NVTB & LinkedIn

 

De LinkedIn-groep van NVTB telt inmiddels meer dan 700 leden. Bent u al lid van de groep? Denk en discussieer met ons mee over actuele zaken.

U kunt zich hier voor de LinkedIn-groep aanmelden.

 

Column bestuurslid Ewald van Hal

CE in een Circulaire Economie

In een circulaire economie wordt niets weggegooid: bij sloop vrijkomende bouwproducten worden hergebruikt of zijn grondstof voor nieuwe. Dit ideaal leidt tot nieuw denken, anders doen maar plaatst ook bestaande regels in een ander daglicht. Neem de CE-markering van bouwproducten. Nieuwe en gebruikte verdienen daarin gelijkwaardig behandelt.

CE (Conformité Européenne) is in de basis bedoeld voor nieuwe producten, communiceert dat deze voldoen aan Europese eisen en daarom binnen de EU vrij verhandeld mogen worden. Bouwproducten zijn vaak geen eindproduct, zodat de Europese wetgever hiervoor een rechtstreeks werkende Europese CE-verordening opstelde (CPR). Deze zet focus op de (technische) prestaties die essentieel zijn om met dat bouwproduct een veilig en gezond gebouw te maken. Welke prestatie dat concreet zijn, en hoe daarop moet worden getoetst, wordt bepaald door de betreffende Europees geharmoniseerde productnorm. Na toetsing mag het bouwproduct in het handelsverkeer worden gebracht, mits blijvend vergezeld van het CE logo en bijhorende Prestatieverklaring. Nagedacht wordt nog hoe en welke milieurelevante productinformatie bij dit strak ingeregelde CE-stelsel kan worden betrokken.

Lees meer...