Smaller Default Larger

CE in een Circulaire Economie


In een circulaire economie wordt niets weggegooid: bij sloop vrijkomende bouwproducten worden hergebruikt of zijn grondstof voor nieuwe. Dit ideaal leidt tot nieuw denken, anders doen maar plaatst ook bestaande regels in een ander daglicht. Neem de CE-markering van bouwproducten. Nieuwe en gebruikte verdienen daarin gelijkwaardig behandelt.

CE (Conformité Européenne) is in de basis bedoeld voor nieuwe producten, communiceert dat deze voldoen aan Europese eisen en daarom binnen de EU vrij verhandeld mogen worden. Bouwproducten zijn vaak geen eindproduct, zodat de Europese wetgever hiervoor een rechtstreeks werkende Europese CE-verordening opstelde (CPR). Deze zet focus op de (technische) prestaties die essentieel zijn om met dat bouwproduct een veilig en gezond gebouw te maken. Welke prestatie dat concreet zijn, en hoe daarop moet worden getoetst, wordt bepaald door de betreffende Europees geharmoniseerde productnorm. Na toetsing mag het bouwproduct in het handelsverkeer worden gebracht, mits blijvend vergezeld van het CE logo en bijhorende Prestatieverklaring. Nagedacht wordt nog hoe en welke milieurelevante productinformatie bij dit strak ingeregelde CE-stelsel kan worden betrokken.

Kent een bouwproduct géén Europees geharmoniseerde productnorm met bijhorende testmethoden dan is er een alternatief. Het bouwproduct ondergaat een European Technical Assessment (ETA) met als referentie een door de Europese ETA-organisatie (EOTA) en fabrikant gezamenlijk vastgesteld toetsingskader. Dat is niet erg transparant maar geeft wel een CE-logo met prestatieverklaring. Ook EOTA denkt na over de beste manier om milieurelevante productinformatie in het assessment te betrekken en koos voor EN 15804. Deze verkeert nog in een conceptfase maar hanteert duidelijke LCA-indicatoren.

Onder invloed van een groeiende circulaire bouweconomie wordt de ETA-route ondertussen ook en steeds vaker gevolgd voor CE-markering van her te gebruiken bouwproducten. Logisch, want daar zijn Europees geharmoniseerde productnormen niet voor ontwikkeld. Hiermee wint de ETA-route feitelijk aan gezag (en lijkt overigens de keuze voor milieurelevante productinformatie conform EN 15804 de facto gemaakt). Vraag is of het systeem van CE-markering voor nieuwe en voor gebruikte bouwproducten wel echt onderling gelijkwaardig is en voldoende bijdraagt aan gezonde en veilige gebouwen. Oók in een circulaire economie verdienen alle bouwproducten een gelijk speelveld!

Ewald van Hal is bestuurslid van NVTB

Agenda

 

   

De datum voor de volgende Bouwpoort is nog niet bekend.
Kijk op www.bouwpoort.org voor actuele informatie.

  
         

Nieuwsbrief


 Klik hier voor de laatste NVTB nieuwsbrief.

Meld u hier aan voor de NVTB nieuwsbrief. 

NVTB & LinkedIn

 

De LinkedIn-groep van NVTB telt inmiddels meer dan 700 leden. Bent u al lid van de groep? Denk en discussieer met ons mee over actuele zaken.

U kunt zich hier voor de LinkedIn-groep aanmelden.

 

Column bestuurslid Ewald van Hal

Tegelgesteggel

Een dapper zaadje in Den Haag wortelt tussen straatgevel en stoeptegel. Het weet zich op te werken tot een vleugelnootboompje in de dop. Een bezorgde burgeres, vertederd door zoveel levenslust, verwijdert een stoeptegeltje. Het boompje krijgt zo meer water en ruimte. De buurvrouw ervaart hiervan hinder en wendt zich verontwaardigd tot de gemeente. Deze herkent direct een overtreding van de APV, eist onder dwangsom herstel in de oude toestand en legt bovendien een geldboete op. Poeh, kan dat anders?

Lees meer...

EPBD, BENG en begrijpelijkheid



Er is brede consensus, dat de energieambitie voor gebouwen haalbaar, betaalbaar en schaalbaar moet zijn. Daar is ‘begrijpbaar’ aan toe te voegen. Neem de EPBD. Deze EU-Richtlijn energieprestaties gebouwen (2002/91/EU) verplicht sinds enkele jaren tot een energielabel en voegt daar per 2020 BENG aan toe. Een BENG-gebouw heeft dan energielabel A, toch?

Lees meer...